Deze website wordt niet langer ondersteund in Internet Explorer. Update hier je browser voor een betere ervaring.
Lize Spit schreef in Parijs niet alleen het verhaal Zadelpijn, maar ook de reeks gedichten precisie, waarin ze de ervaring van deze twee weken durende residentie in 2014 laat samensmelten met impressies van de grootstad. De eerste twee delen waren te lezen in Poëziekrant.
i
iemand heeft de tijd langer doen lijken
door traag te eten van een heel kleine salade
iemand staat verkeerdelijk op de overkant van een kade
een groep van twintig twijfelaars
verplaatst zich kordaat naar het midden van een kruispunt
voor het beste zicht op al hun overwegingen
iemand loopt met een stoel helemaal
naar de zon, een rits staat open, een straat
wordt pascal genoemd, een vrouw of een man, twijfelgeval
zegt dat liefde niet meer bestaat nu er homo’s
zijn bewijs zit in twee wijsvingers
iemand draagt horizontale strepen
verplaatst zich zo evenwijdig mogelijk met de seine
daar drijven zwemmers in een boot
dat is raar, maar dachten we dat ook niet
van een reuzenrad, een berglandschap, tenen
samengeperst in sandalen
anderen lopen met gemak op nog hogere hakken, hebben de eiffeltoren
tussen duim en wijsvinger vastgenomen
de zon stelt zich hard aan, mijn vel wil in haar schaduw
schuilen, ik ken niet het franse woord
voor preciseren, onderteken de petitie van twee doven
die later op een bankje toch kunnen horen
ii
lang nagedacht hoe de eiffeltoren op zijn zijkant
tussen het louvre past, vroeg of laat plooit
de garde in elke besteklade
ondervindt een eenrichtingsstraat hoe zoomen
niets nog onoverzichtelijk maakt
vreemde steden verhouden me
het staat op wegwijzers voorgeschreven, dwars
door het hedendaagse, hoe meer
hoe leger ik loop, de verbetenheid van rioleringroosters
waaraan denken museumbewakers, zij staan
aan schoenen vastgeknoopt, willen ook
een lade die rond elke garde past
een vrouw snijdt haar mening
in haar dijbeen, kan iets plots beginnen
bloeden of is het al die tijd al onderhuids aanwezig
iii
over twee weken breekt de zwaartekracht
alle sloten, niets of niemand kan worden gestolen
mona lisa heeft ergens een zus
opgelopen, per fiets duurt de stad
langer dan google maps berekent maar wat wil je
boetedoen en worden beloond of overal plat
de schilder beweert dat het water normaal droger staat
op het bootje wuiven toeristen tot hun handen eraf vallen
ondergronds trekken bomen het fietspad in plooien
achter glas ligt schimmel in vier richtingen
haast zich in zakjes
snijdt zich aan de straathoeken
een oudje speelt buikkrampen op een viool
haar tanden, onvoltallig, lachen alsof het ergens tijd voor is – voor horloges
onder manchetknopen, liefst hele dure
om zich kenbaar te maken
er moet toch iemand
pionier geweest zijn, een activist zonder fiets
die voor de verandering eens niets
aan een brug wilde vastketenen
iv
wie vergeet te kijken naar de stad die hij samenvat
ziet bij thuiskomst alles langs de randen
wegglippen behalve de boodschappentassen, de standbeelden
die geen richting in zich dragen
de week is gekanteld op woensdag, daar helde het vooruitzicht over
in terugblikken, om dezelfde reden rondden beenhouwers
graag naar rechts af, ze voeden onze herinneringen
ik trof een slager aan die op beleefdheid stond, in principe
had ik twee keer bonjour terug gezegd, maar te zacht
naar zijn normen, dat kon ik achteraf niet meer bewijzen, ik ging
een eindje kijken, zag een vrouw die niets deed buiten
zitten en zelfs dat laatste beetje houding probeerde de wind eruit
te waaien, er zijn van haar geen pixels geworden
foto Lize © Marianne Hommersom
Meer weten over het residentieproject van deBuren? Klik hier.
Benieuwd wat de medereizigers van Lize schreven in Parijs? Klik hier.
Dit artikel ontstond op basis van een residentieproject van het Vlaams-Nederlands Huis deBuren in samenwerking met de Stichting Biermans-Lapôtre.