De toestand is hopeloos maar niet ernstig

Debat over kwaliteit van de Vlaamse en Nederlandse media

Frénk van der Linden

Archief

DI 31.05.05

deBuren, Leopoldstraat 6, 1000 Brussel

Op dinsdag 31 mei wordt er bij deBuren gedebatteerd over cultuurverschillen tussen de Nederlandse en Vlaamse journalistiek, en over de kwaliteit van de media. Aanleiding is het boek Laten we eerlijk zijn (L.J. Veen), dat verschijnt ter gelegenheid van het 25-jarig jubileum van Frénk van der Linden als interviewer.

Aan de discussie doen hoofdredacteuren, politici en commentatoren uit zowel Vlaanderen als Nederland mee. Alvast wat namen: Yves Desmet en Hendrik-Jan Schoo, Louis Tobback, Benno Barnard, Piet Piryns en Joost Divendal. Het debat wordt geleid door de bekende Nederlandse journalist Frénk van der Linden. Gedurende zijn carrière interviewde Van der Linden voor zowel Nederlandse als Vlaamse media een groot aantal prominenten uit de Lage Landen. Op deze avond wordt hij ook zelf geïnterviewd door Jef Lambrecht.

IMPRESSIE

"Er worden in Vlaanderen een miljoen kranten per dag verkocht," zegt Louis Tobback.  "150 000 daarvan horen tot de zogenaamde kwaliteitskranten. Dit om  het onderwerp van vanavond te relativeren."

Met een gesproken column gaf Piet Piryns de voorzet over de verschillen tussen Vlaanderen en Nederland. De kloof tussen Nederland en Vlaanderen heeft volgens hem de afmetingen van een ravijn aangenomen. Zijn verklaring is het scharnierjaar 1989. Toen werd in Vlaanderen de commerciële televisie opgericht en sindsdien kijkt ieder naar 'zijn eigen flutprogramma's'. Dat de Nederlandse dag- en weekbladen niet meer gelezen worden in Vlaanderen ligt volgens Piryns ook aan het feit dat Vlaanderen een inhaalbeweging heeft gemaakt. De Vlaamse kwaliteitskranten en Canvas bieden onvergelijkbaar meer kwaliteit dan vijftien jaar geleden. En toch is er  nog steeds een kwaliteitsverschil, dat verklaard kan worden door de schaalgrootte. De redacties van Vlaamse kranten worden bemand door een goede zeventig journalisten, in Nederland zijn dat er tweehonderd vijftig.

Yves Desmet voegt in het debat daaraan toe dat het gemiddelde niveau van de Nederlandse journalisten bovendien beter is. Maar hoewel Nederland over betere journalisten beschikt, dalen de oplagecijfers van de Nederlandse kwaliteitskranten.. Hoe valt dat  dan te verklaren? . "Omdat," aldus Desmet,  "Vlaanderen betere krantenmakers heeft.  En ook omdat  Vlaamse journalisten, in tegenstelling tot Nederlandse, op zoek gaan naar het verhaal, Nederlandse journalistiek is vaak een optelsom van meninkjes en columns". Het grote aantal redacteuren en correspondenten leidt ook wel tot een zekere 'vervetting', met de laksheid waar dat vaak mee gepaard gaat. Joost Divendal, hoofdredacteur van het Nederlandse vakblad De Journalist, slaat terug; hij oppert dat de Vlaamse journalistiek aan scherpte mist omdat het 'wereldje' er nog kleiner is dan in Nederland. Men komt elkaar voortdurend tegen en is bang om te kwetsen, want je zou  iemand later nog wel eens nodig kunnen hebben. Divendal: "Vlaamse journalistiek is lief, gezellig en aardig en daar houd ik niet van".

Derk-Jan Eppink daarentegen schrijft de problemen in de Vlaamse journalistiek toe aan het cordon sanitaire rond het Vlaams Belang. "Het cordon sanitaire heeft het hele politieke en journalistieke leven op slot gezet, er is een onthechting ontstaan tussen de politieke en journalistieke klasse." Met deze stelling werd de politiek aan de discussie toegevoegd,  maar SP-A- politicus Louis Tobback  ziet het anders.  "Bij ons neemt de journalist actief deel aan het politieke spel. Ze proberen zelf de politiek te manipuleren". Eppink: "Dit is blikvernauwing van de heer Tobback. Nederlandse journalisten zoeken meestal de dissidenten binnen de partijen op. Daardoor beïnvloeden ook zij  wel degelijk het politieke spel".  Tobback blijft van mening dat in Vlaanderen actieve bemoeienis met het politieke spel van een ander karakter is, want "het soort columns dat de heer Eppink over Verhofstadt en Stevaert in Vlaanderen is kwijtgeraakt, had een Nederlandse krant nooit geplaatst".

Tijd om de verschillende benaderingen te toetsen bij Rick de Leeuw, die de voorbije jaren minstens even vaak in Vlaanderen als in Nederland werd geïnterviewd. Ook hij stelt dat de Vlaamse journalisten "vriendelijker en hoffelijker" zijn dan de Nederlandse.

Frénk van der Linden werd tot slot in een ongebruikelijke rol geplaatst: hij werd  geïnterviewd door radiojournalist Jef Lambrecht naar aanleiding van het verschijnen van zijn boek Laten we eerlijk zijn - 25 jaar spraakmakende interviews. Van de verschillen tussen Vlaanderen en Nederland werd de aandacht verlegd naar verschillen tussen Amerikaanse en Europese journalistiek. Jef Lambrecht peilde naar de opvattingen  van Van der Linden over de rol van  de  pers in de VS en in Europa in de kwestie Irak. Eens te meer werd duidelijk dat een journalist liever vragen stelt dan beantwoordt -  en hier zaten twee volbloed journalisten tegenover elkaar.

Foto's

Documenten

Klik hier voor de column van Piet Piryns